MARCELLA KLEINE    Boeken met spanning

Waar is Wally?

Ik zie het voor mijn ogen gebeuren op een donderdagavond op een voor ons feestelijke datum.
De datum waarop onze zoon 21 jaar geleden in Indonesië geboren werd.
Via een keizersnede, maar dat is een ander verhaal.
Voor ons in ieder geval nog steeds reden genoeg om elke verjaardag met een etentje te vieren en daarvoor naar de stad af te reizen.
Niet wetende dat  deze avond ook de intocht van de avondvierdaagse plaatsvindt,
maar daar komen we al gauw achter.

Het valt niet mee om de stad, waar veel straten zijn afgezet, binnen te komen en vlakbij het besproken restaurant te parkeren.
Precies op het plein bij ‘ons’ Italiaanse restaurant vindt de intocht plaats.
Overal kinderen, bloemen, vlaggen, zwaaiende ouders en niet te vergeten de vrolijke muziek, ten gehore gebracht door een opvallend muziekkorps.
Onze zoon had zich geen feestelijker verjaardag kunnen wensen.
Achter een groot raam gezeten genieten wij vanaf de eerste verdieping van het restaurant van het spektakel op het plein.
Niets is leuker dan mensen kijken, hen een tijdje met je ogen te volgen en vervolgens weer op anderen te focussen.
Niet dat wij niets anders doen dan naar buiten kijken… maar nog niet eerder vond ik het geen probleem dat de rest van het gezin naar buiten gaat om een sigaret te roken. Normaalgesproken doen ze dat in tweetallen omdat het anders zo zielig voor mij is om alleen in het restaurant achter te blijven.
 ‘Ga maar met z’n vieren roken,’ spoor ik hen aan alsof ik het roken toejuich,
‘ik vermaak mij wel.’
De mensenmassa op het plein biedt mij voldoende vertier.
 
Het is alsof voor mij een levensgrote versie van het stripboek Waar is Wally? opengeslagen ligt, waarin menig tafereeltje te ontdekken valt.
Ik observeer en geniet.
Op het plein voor mij zie ik vrolijkheid, genegenheid en irritaties, vang ik een glimp op van onderlinge verhoudingen.
 
Kijk, die moeder, die zo uitbundig met een knalgeel vestje op een muurtje staat te swingen en de binnenkomende kinderen toejuicht. Armen in de lucht, een fanatieke blik op haar gezicht, haar dikke billen ver naar achteren gestoken en monotoon meebewegend met het gedreun van de drumband.
 
En die vader daar, een jonge trendy man met halflang kapsel. Strak in het pak en daardoor volledig misplaatst tussen de kleurrijke menigte in korte broek en op gympen.
Heeft hij zich moeten haasten om hier op tijd te kunnen zijn?
Hij houdt zijn kind bij de hand en samen bewegen ze hun handen heen en weer op de maat van de muziek. Naast hem staat nog zo’n businessman.
Ik zie de blikken die zij wisselen en hoor hun onuitgesproken vraag. ‘Kunnen we al weg?’
Binnen een paar minuten zijn ze vertrokken.

Opa’s en oma’s staan langs de kant, terrasjes zitten vol mensen die naar de menigte voor hen kijken terwijl zij hun wijn- of bierglas aan de lippen zetten en een schaaltje bitterballen leegeten.
Moeders en vaders met zakken snoep en bloemen staan langs de kant te turen en te wijzen ‘daar komt ons kind aan’. Om vervolgens hun handen in de lucht te steken en te roepen en te zwaaien.

Een stel trekt mijn aandacht. Op wie wachten zij? Is het een vader met zijn jonge vriendin? Zij is hip gekleed in een strakke lange broek, kort colbertje en staat op hooggehakte schoenen. Aan haar arm bungelt een handtasje, haar lange blonde haren omlijsten haar zorgvuldig opgemaakte gezicht. Zij staat stil en uitdrukkingsloos naast de man, wiens blikken ongedurig heen en weer schieten.
Als hij zijn kind – overduidelijk niet haar kind – ontdekt, trekt zij haar mond in een lach, die bevroren op haar gezicht blijft liggen.
Ze doet krampachtig haar best om een leuke stiefmoeder te zijn, maar het kind gunt haar nauwelijks een blik.

Mijn ogen dwalen verder en blijven rusten op een vrouw, die een gespannen trek op haar gezicht heeft. Ik zie dat  ook zij haar best doet om spontaan en blij over te komen, maar haar ogen doen niet mee. Ze kijkt treurig.
De vrouw is lang en slank en op een bepaalde manier mooi.
Niet knap, maar ze is apart om te zien.
Opvallend is dat het meisje naast haar een kopie van haar is.Ik schat haar een jaar of negen.
Het kind beweegt zenuwachtig heen en weer en schenkt al haar aandacht aan de vrouw, die voor haar staat.
Een vrouw  in de leeftijd van haar moeder, maar qua uiterlijk in alles haar tegenpool.
Klein, volslank – om niet te zeggen stevig – blond en gewoontjes gekleed.
De vrouw richt haar aandacht op het kind, net als de man naast haar.
Ik kan hem niet direct plaatsen, er is iets bekends in zijn gezicht, maar hoe past hij in het plaatje?
Alle conversatie tussen de vier is op het kind gericht.
Geen van de volwassenen kijkt elkaar aan.
De blonde vrouw en man praten niet tegen de moeder van het kind.
Zij wel af en toe tegen hen, zonder haar ogen op hen te richten.
De spanning straalt van hen allen af, ook van het kind dat té druk tegen de vrouw babbelt.
Mijn ogen gaan  weer naar de man en ineens valt het kwartje.
Ondanks het feit dat het meisje op haar moeder lijkt, zie ik ineens dat zij ook iets van hem heeft. Hij is haar vader!
Op hetzelfde moment dat ik mij dit realiseer, neemt het meisje afscheid van het stel.
Ze omhelst hen allebei – ik zie de spanning in haar rug - , het stel groet de moeder nonchalant zonder oogcontact met haar te maken en loopt zonder omkijken weg.
Achter hun rug zie ik hetgeen gebeuren, dat mijn hart breekt.
Moeder en dochter vliegen elkaar in de armen en het meisje snikt het uit.
Ze laten elkaar niet meer los en de moeder doet haar best haar kind te troosten.
Met hun armen om elkaar heen – het meisje nog steeds met haar gezicht snikkend tegen haar moeders buik aan – banen zij zich een weg door de feestende menigte.
Ik kijk hen met pijn in mijn hart na totdat ik ze niet meer kan zien.
Het andere stel gaat nietsvermoedend een andere richting op.
Hun wegen hebben zich letterlijk gescheiden.
Het verdriet van het kind blijft mij nog dagen bij. 

Had ik maar niet zo van de stripboeken  Waar is Wally? gehouden!


 

 

TerugVerder